Rubriek Stadsgroen

Een mijner vrienden is een meester in het organiseren van dinertjes aan zijn keukentafel. Hij besteed uitermate veel zorg aan het kiezen van exquise melanges van delicate gerechtjes. Zijn andere talent is het met aandacht en subtiliteit kiezen van een selecte mix aan disgenoten.

Omdat deze verhalen over tuinen en Den Haag moeten gaan stel ik u rap gerust. Het verhaal speelt zich af in onze stad en maar liefst vijf van de tien tafelgenoten van het vorige week gehouden diner zijn de vrijwillige eigenaar van een tuin waarin eigenhandig groenten worden verbouwd. De roots van elk van de gerechten zou zomaar gelegen kunnen zijn in een moestuin van een der aangezetenen. Hoewel de werkelijke herkomst van de ingrediĆ«nten vaag blijft, ontstaat er tijdens het serveren van de venkelsoep met appel een voelbare intimiteit tussen diegene die weten hoe zalig een juist geoogste venkel ruikt en hoe een zo-even geplukte appel kan smaken. Ook de verrukkelijke tweede gang, een subtiele melange van tuinbonen, rucola, peultjes en geitenkaas zou eigen kweek kunnen zijn. Zelfs het hoofdgerecht, een perfect gegaard konijn is op menig Erven Droog, Het Groene Oor, ‘t Is altijd wat of Nooit Gedacht gemakkelijk te oogsten.

Ach, een moestuin. Ik zou er graag een bezitten. De maĆ®tre van de peulen, de patron van de pompoenen wil ik zijn. De verhalen over zeventien kilo rijpe spruiten, kofferbakken vol gele pepers en de levering van 45 pallets kloeke aardbeienplanten uit het Westland wanneer je alleen maar om een stekkie hebt gevraagd, schrikken me echter wat af. Ook zie ik op tegen de strijd met het zevenblad, herderstasje, harig wilgenroosje, varkensgras en klein kruiskruid. Van woorden als wisselteelt en vruchtwisseling kruip ik in m’n schulp. Ik zou graag een moestuin bezitten, maar op werkwoorden als bukken, kruien en wieden ben ik niet zo dol. Er zijn 2900 Haagse volkstuintjes waarvan de meeste, zoals het volkstuinen betaamd, langs de rafelranden van de stad liggen. Volgens een kaart uit 2008 zijn er 42 tuintjes bij mij in de buurt, 22 aan de Cantaloupenburg en 20 aan het Westeinde. En die kan ik niet vinden. Hoe dikwijls ik ook heen en weer fiets. Wil iemand hier een tipje van de misschien wel geheime sluier oplichten? Ik zou zo graag een moestuin bezitten. Eentje zonder werkwoorden. Maar met een keukentafel vol etende vrienden.

In de wekelijkse rubriek Stadsgroen in Den Haag Centraal schrijf ik wekelijks een column over groen, mensen en de stad. Al sinds 2008.